“Dichters hoeven geen raadsels op te lossen: zij geven ze op”, schrijft H.U. Jessurun d’Oliveira in zijn nieuwe bundel Luceberts zoekend oog. Al meer dan een halve eeuw is Jessurun d’Oliveira gefascineerd door de poëzie van Lucebert. Te beginnen met zijn interview met de dichter uit 1959 tot en met een beschouwing uit 2014 over Luceberts zoekend oog heeft hij zich ingezet om diens niet altijd makkelijk te doorgronden maar altijd overdonderende en intrigerende poëzie te verhelderen.
Centraal staat in deze essays telkens één gedicht, zonder dat omringende teksten uit het oog verloren worden. Wel wordt spaarzaam gebruikgemaakt van biografische elementen, geheel volgens de ergocentrische en autonomistische uitgangspunten van het literaire tijdschrift Merlyn (1962-1966), zij het dat in de latere opstellen die beginselen minder rigide worden toegepast. Het openingsinterview getuigt trouwens al van belangstelling voor de relaties tussen de dichter en zijn werk.
Uitgangspunt blijft ook de controleerbaarheid van de interpretatie van de besproken gedichten door explicatie van de gedachtegang, waarmee de opening geboden wordt voor kritiek daarop. Maar vooral: er valt veel meer te genieten voor de lezer die niet achterover leunt maar zich intensief bezighoudt met de magische en exuberante wereld van Luceberts poëzie.