Mario Molegraaf belicht in deze rubriek recent verschenen bundels van Nederlandse en Vlaamse dichters. Deze keer schrijft hij over Wat deed ik daar van Tsead Bruinja:
Het is een heel mistige ochtend in Noord-Frankrijk. Ik ga naar Notre Dame de Lorette, een van de vele oorden in de omgeving waar de doden van de Eerste Wereldoorlog worden herdacht. ‘Zon en mist zorgden voor een vreemd effect, kerk en herdenkingstoren zweefden alsof ze een fata morgana waren,’ schreef ik in mijn reisdagboekje. Het treurigste was de ‘ring van de herinnering’, een ‘zich in een eindeloze cirkel uitstrekkend namenmonument, 550.000 van a tot z, allemaal gesneuveld in deze streek, en nu teruggebracht tot een naam, tussen vrienden en vijanden’.
Ik moest weer aan dit monument denken door het indrukwekkendste Nederlandse gedicht dat ik in lange tijd las: ‘hoeft een naam iets’ van Tsead Bruinja (1974), onderdeel van zijn nieuwe bundel Wat deed ik daar. Hij schreef het gedicht naar aanleiding van ‘het lezen van de 102.000 namen in Kamp Westerbork,’ zegt hij. Maar het is in allerlei onthutsende omstandigheden toepasselijk. Een gedicht dat iedereen moet lezen, een gedicht dat zelfs het kilste hart zal verwarmen.
Bruinja’s bundel is poëzie met een P. De p van persoonlijk en van onverholen provinciaal, hij schrijft ook in het Fries. De p van plankton en de p van pompoen. De p van paginaloos (inderdaad, paginanummers ontbreken in dit boek) waardoor ik als bespreker met plakpapiertjes aan de slag moet. De p van preek en de p van politiek. De dichter verwijst sarcastisch naar een bekende Wilders-leus: ‘wilt u meer of minder plankton?/ dan gaan we dat regelen’.
Een rijke bundel is het, alles tussen de p van plan en de p van persiflage. De p van polemiek, poëzie tegen prietpraat: ‘deel je je gebutste waarheden/ met je eigen schorem’. Maar zeker ook de p van pret en dus soms de p van plechtig, bijvoorbeeld in het namengedicht: ‘namen mogen alleen langzaam verdwijnen uit onze gedachten/ en niet voordat ze een afscheidsdansje hebben gemaakt/ op onze bevende lippen’. Ik zei daar bij Notre Dame de Lorette hardop een paar namen. Geen reactie vanuit de mist.
Mario Molegraaf
Wat deed ik daar, Uitgeverij Querido, paperback, 96 pag., € 20,-
ISBN: 9789021440781